Neotango, underground of popmuziek?
Door René Oey

Sinds het succes van Gotan Project die met 'La Revancha del Tango' in 2001 een wereldhit boekten, is de belangstelling voor de nieuwste tangomuziek, de neotango, sterk gegroeid. Groepen als Bajofondo, Narcotango, Tanguetto zijn volop bezig hun ideeën over experimentele tangomuziek uit te werken en regelmatig verschijnen er nieuwe cd's. Ook komen er steeds meer remix cd's uit waarop internationale dj's oude tangonummers bewerken tot eigentijdse dans- en loungemuziek.

Neotango kenmerkt zich door een veelzijdige benadering van traditionele tangomuziek: er worden nieuwe composities geschreven voor een niet-typsch tango-instrumentarium en bij anderen wordt een klassieke melodie voorzien van een geheel nieuwe begeleiding, met gretig gebruik van samples. Zo ontstaat er muziek waarin meestal de bandoneon nog aan de oude tango doet denken, maar ook zonder dat instrument worden er tangonummers uitgebracht met verwijzingen naar de lounge- en dubmuziek dan wel salsa- of afroritmes. Ook in de dans wordt volop geëxperimenteerd met dansbenadering, ritmiek en figuren. Zowel de muziek als de dans putten uit de rijke bron van traditionele en eigentijdse opvattingen. Het resultaat is nog altijd tango, maar dan van nu.

Wat is Neotango?
In de huidige wirwar van het informatieaanbod op internet duikt de term neotango op als een eigentijds sextet dat oude tango’s speelt, als naam van een tangoschool die net is opgericht, als merknaam van tangoschoenen en als benaming van een hete lingerielijn van een Frans ondergoedbedrijf. Verwarring alom dus, want neo betekent nieuw en tango is hip. Nog steeds. Maar we hebben het hier over het woord zoals dat is geconcipieerd door danseres en dj Sharna Fabiano. Zij was een van de eersten die de recente ontwikkelingen in de tangomuziek registreerden en interpreteerden.

In de naoorlogse tangogeschiedenis duiken de termen nieuw en neo met regelmaat op. In de wirwar van termen en benamingen kunnen we proberen het begrip neotango te plaatsen naast andere neologo’s.
We kunnen de volgende -onvolledige- indeling maken:

Tango Nuevo [muziek] muzikale stijl van Astor Piazzolla
Tango Nuevo [dans] Gustavo Naveira, Fabián Salas, Chicho Frumboli. Open dansstijl.
Tango Discovery moderne tangodansbenadering zoals ontwikkeld door Mauricio Castro: gebaseerd op totale improvisatie (zie La Cadena 103)
Neotango verzamelnaam voor niet klassieke tangomuziek
Neo Klassiek Fernandez Fierro, Cuarteto Almagro, Los Cosos de al Lao, (ex-rocker) Daniel Melingo. Traditionele bezetting, moderne arrangementen.
Tango Fusion muziek van Narcotango, Gotan Project, Bajofondo.
Elektronisch/akoestische tangomuziek. Veelal nieuwe composities maar ook remixen van oude tangonummers
Alternatieve Tango van oorsprong niet voor tango bedoelde muziek, waar nu wel op gedanst wordt. (Corrie Brokken, Goldfinger, Calexico, ZZ & de Maskers). Dj Sharna, dj Jackie Wong hebben op hun websites lijsten samengesteld met alternatieve tango

In dit artikel wil ik ingaan op de Tango Fusion en de Alternatieve Tango. De muziek van Gotan Project en Narcotango betekenen de eerste wezenlijke vernieuwing van de tangomuziek sinds de Tango Nuevo van Astor Piazzolla. Toen de wereld het tangodansen eind jaren ‘80 herontdekte, was het ondenkbaar om op Piazzolla te (leren) dansen. Het dansen zelf bleek zo gecompliceerd dat de eerste tangoscholen in Europa en de VS maar al te graag het advies van de oude tangomeesters opvolgden om vooral te dansen op de muziek van Juan D’Arienzo. El Rey del Compas werd hij genoemd: de ritmebeul die in de vierkwartsmaten van zijn muziek liefst zoveel mogelijk 8e noten schreef waarbij hij de 1e en de 3e sterk benadrukte. Opwindend en met een dwingend staccato. Dat was dé dansmuziek, al werd er toch ook wel op Pugliese gedanst. Totdat begin jaren ‘90 de milonguero-stijl, de close embrace ook in Nederland in zwang raakte.

Er kwamen salons met meer traditionele salonmuziek en salons waar juist meer Pugliese en Piazzolla werd gedraaid. Dat verschil in benadering van dansmuziek bestaat nog steeds. Toch geldt in de Nederlandse salons nog steeds dat een tango dj het accent moet leggen op de muziek uit de Epoca de Oro, de jaren ‘40 en ‘50 van de vorige eeuw. Daar lag immers het hoogtepunt van de tangocultuur. Toch is lang niet alle muziek uit de jaren ‘40 en ‘50 even interessant. In die Gouden Oorlogsjaren werd Argentinië niet gehinderd door enige scrupules en exporteerde het land wapens aan wie ze maar betalen kon. De economie floreerde en tangomuzikanten konden riante honoraria vragen en in weelde baden, maar dat was niet omdat alle muzikanten zo geniaal waren. Er is veel muziek op de plaat gezet die van historische betekenis is, maar niet perse van hoog niveau. Gelukkig bleven er genoeg meesterwerkjes over om van te genieten. Jarenlang was er geen alternatief voor het werk van de oude meesters, dus konden we blijven luisteren naar Di Sarli, Caló, Troilo, Tanturi en al die anderen. Tot aan het begin van dit millennium.
De milonga’s in Nederland zijn nu 15 jaar lang getrakteerd op deze krakerige plaatjes uit de jaren ‘30 tot ‘50, er wordt alom in de echte omarming gedanst. De salons krijgen hierdoor een ‘Argentijnser’ aanzicht, op het puriteinse af. Ogen dicht en schuifelen maar, net als in Griego, Almagro en al die andere tenten uit de tangohoofdstad. Deze kopieerdrift heeft altijd iets gekunstelds gehad, dat ‘kijk-ons-eens-met-onze-passie…’ Het wachten was altijd op een Hollandse interpretatie van een Argentijns fenomeen. Of de neotango daar het antwoord op is, is nog maar de vraag, maar het is een begin.


Nieuwe generatie
Voor het eerst sinds de Tango Nuevo van Piazzolla is er een nieuwe generatie muzikanten die zich laat inspireren door de oude tango, maar die met moderne middelen te lijf gaat. Vooral het keyboard met sampler en een live dj bepalen bij de meeste neo’s de eigentijdse sound. Loungey, ambient en dan weer een house beat. Een bandoneonsample van Piazzolla achter een wollig tapijt van orgelklanken. Muziek die aansluit bij een generatie die weinig meer te maken heeft met het Buenos Aires van 60 jaar geleden. Tegenwoordig beschikken we over heel andere muziekinstrumenten, technologieën, sociale conventies en wijze van kleding. Toch past de creatieve drang naar vernieuwing bij het wezen van de tango. Honderd jaar geleden waren het immigranten uit alle delen van de wereld die in de nieuwe havenstad de tango vormgaven met hun draagbare instrumenten en hun diverse culturele achtergronden. Een eeuw later stellen de moderne digitale techniek en internet een groot aantal muzikanten overal ter wereld in staat om de tango in een nieuwe context te plaatsen.
Carlos Libedinsky, voorman van Narcotango, was een troubadour die jarenlang met oude tango’s de wereld rondreisde, maar de aansluiting miste met zijn eigen jeugd, zijn eigen angry young manhood en cultuur. Toen hij in de jaren ‘90 de triphop hoorde en met name Massive Attack, wist hij dat daar de connectie lag: de feel van de oude tango vermengd met de groove van het nieuwe. Dat leidde tot composities met viool en bandoneon, maar ook met een rockdrummer en een keyboard vol samples en effecten.
Vele jongeren in Buenos Aires onthaalden de muziek van Narcotango, Bajofondo en Gotan Project met enthousiasme, want eindelijk was er muziek van nu waarop je ook kunt dansen. En niet alleen om 5 uur ’s morgens tussen een paar stonede freaks in La Catedral, al jarenlang een alternatieve doorzak-milonga met Afrikaanse afgodsbeelden en hangfautueils waar je niet meer uit opkomt.
Dat de muziek van Narcotango snel in aanzien steeg, bleek een paar maanden geleden toen in een van de twee homomilonga’s in Buenos Aires (La Marshall en La Otra) een milonguero danspaar van 70+ danste op Plano Secuencia van Narcotango. Beter is de verandering in de milonga’s van het Buenos Aires van nu niet weer te geven.
Ook in Nederland is na twintig jaar tangomuziekcultuur een kentering zichtbaar. Nog voordat er iemand in Nederland danste, trad in 1985 Pugliese op in De Meervaart en de jonge Carel Kraaijenhoff met Tango Cuatro op de Boulevard of Broken Dreams, een jaar later gevolgd door Sexteto Mayor in Paradiso. Beide orkesten waren curieuze vertolkers van een hier volledig onbekend soort wereldmuziek. De tangoscène bestond eind 1986 uit twintig mensen die allemaal braaf hun basispas met ocho vóór uitvoerden. In de jaren daarna schoot de populariteit van muziek en dans omhoog. En nu treden de kroonprinsen van Osvaldo Pugliese, Color Tango en Juan José Mosalini, op in het statige Concertgebouw en de vertolkers van de jongste tango, Gotan Project en Narcotango in Paradiso en Nighttown.

Neotango in de Dans
De vernieuwing in de tangodans is net als in de muziek tot stand gekomen onder invloed van bijzondere dansers die met geniale ingrepen het tangojargon hebben verrijkt. El Cachafaz, Antonio Todaro, Pepito Avellaneda, Juan Carlos Copes, Gustavo Naveira, Pablo Veron, Mauricio Castro en Chicho Frúmboli, om er enkelen te noemen. Belangrijke dansers waarvan de meeste vanuit de salondans een spektakeldans ontwikkelden met steeds gecompliceerdere figuren en motieven, terwijl anderen juist het improvisatiekarakter van het dansen benadrukten. De afgelopen 15 jaar is de invloed van de Moderne Dans, de Swing en de Salsa zichtbaar. Op het podium, maar ook steeds meer in de milonga zie je dansers de traditionele milonguero-houding loslaten, bijvoorbeeld met een vrolijke colgada (positie waarbij de dansers met de voeten tegen elkaar aan en het bovenlichaam juist uitwijkt) of een kittige pirouette van de vrouw onder de arm van de man. Man en vrouw kunnen schouder aan schouder wandelen of de vrouw maakt een giro rond de man met uitsluitend zijpassen en man en vrouw kunnen van rol wisselen tijdens het dansen. Castro heeft zich toegelegd op de totale improvisatie met loslating van ieder vastliggend patroon of motief.
Ook in Nederland zijn cross-overs gaande op het gebied van theater/film/muziek en op de dansvloer tussen verschillende dansstijlen. Tot de verbeelding sprekende resultaten van de afgelopen decennia waren Hans van Manen met Vijf Tango’s (1977), Wouter Brave met een experiment van tangoballet en tangoshowtjes op de Parade (1992-94), Martine Berghuijs en Vincent van Warmerdam (jaren ’90) met tangotheater en -film (Ocho), cineaste Clara van Gool, en onlangs Toneelgroep Amsterdam met Romeo en Julia. Een recente moderne danstango (2004) werd getoond in Tangorilla van Lieber Gorilla (Andreas Scharfenberger en Reinier Schimmel). Ook moeten de eigenzinnige tangoperformances van Bennie Bartels (met Berghuijs en anderen) worden genoemd. Ik merk dat er steeds meer een reële wederzijdse interesse is tussen vertegenwoordigers van dansstijlen die op het eerste gezicht niets met elkaar te maken hebben. Zo gaven Gabriëlle en ik een tangodemonstratie op het Urban Dance Festival in Utrecht tussen een internationaal gezelschap van 20-jarige hiphoppers en break- en streetdancers. De Vagabond Crew (Frankrijk) en de Expression Crew (Korea) hadden zojuist onderling uitgemaakt wie de beste breakdance groep ter wereld was. Een breaker uit Marseille sprak verbaasd: ”Shit man, die tango is helemaal geen saaie dans, ik zag een paar heel coole moves!” Aandachtig bekeken de breakers of er een paar tango-moves in hun repertoire konden worden opgenomen.

Poldertango
Danseres en dj Sharna Fabiano liet eind oktober Nederlandse dansers kennis maken met een verfrissende kijk op tangodansen. Je kunt altijd beginnen in een klassieke abrazo maar daarna zijn er ongekende mogelijkheden die het waard zijn om te onderzoeken. Voor muziek en dans geldt hetzelfde: je kunt alles bij het oude laten, maar waarom zou je dat doen? Het is geweldig als je heel goed canyengue-stijl kunt dansen op de muziek van Canaro. Zoiets is een knappe nabootsing van hoe er tachtig jaar geleden in Buenos Aires werd gedanst maar met onze tijd heeft het weinig meer te maken. Het is de nostalgie van een foto in sepia. Kunst die zich niet vernieuwt wordt zielloze folklore. Tango komt niet voort uit onze Hollandse cultuur. Dat betekent dat we moeten zoeken naar de eigen identiteit in de tango en niet het gedachtegoed van de porteños slaafs transplanteren in onze Hollandse kaaskoppen.
In een aantal salons in Nederland is voorzichtig begonnen met het draaien van nieuwe dansmuziek. Nog niet iedereen is er even enthousiast over, maar er zijn zelfs salons waar veel niet-traditionele tangomuziek wordt gedraaid. Dit zijn vooral de maandelijkse salons Tango Goes Underground in Amsterdam en Taboe Tango in Bosch en Duin.
Neotango benadrukt het van oorsprong improvisatorische en eclectische karakter van de Argentijnse Tango en dat is een verrijking. Tangomuziek en -dans floreren in vele uithoeken van de wereld en tango is meer geworden dan het overnemen van een aantrekkelijke folklore uit een ver land. Het kan je nu zomaar overkomen dat je met een meisje dicht tegen je aan danst op de rauwe blues St.James Infirmary en dat alles je doet denken aan tango, terwijl het daar niets meer mee te maken heeft.

Dit artikel werd eerder gepubliceerd in 'La Cadena' (maart 2005).
Met dank aan: Carlos Libedinsky, Sharna Fabiano, Marieke Timmer en Karin Vervenloo
.